• passend onderwijs

Joas zijn eerste schoolreisje! Het was dan eindelijk zover. Wat was ik zenuwachtig. Ik heb er de hele nacht over liggen denken, terwijl ik gewoon zelf mee zou gaan voor supervisie.

Joas is niet echt voor te bereiden op een schoolreisje, want hoe ga je dat nu uitleggen? Dus maar gezegd dat we naar een grote speeltuin zouden gaan. Eenmaal aangekomen op het schoolplein barstte het van de ouders natuurlijk, want iedereen komt zijn kind uitzwaaien. We mochten eerst even de klas in. Daar zouden we de dag openen en werden een paar liedjes gezongen. En tot mijn verbazing bleef Joas aardig goed in de kring zitten en was hij hard aan het mee klappen met de liedjes ‘Lees je bijbel, bid elke dag’ en ‘Jezus is de goede herder’. Gouwe ouwe uit mijn eigen tijd. Brings back memories!

Nadat de meeste kindjes hadden geplast mochten we in de rij gaan staan en wachten om naar de bus toe te lopen. Dat wachten is niet Joas zijn sterkste punt, dus meneer werd een beetje onrustig. Ik had van te voren gevraagd of Joas ook met de bus mee mocht rijden, want dat zou hij echt fantastisch vinden. (Alles met wielen en een motor, het is een echte jongen). De juf zei dat dit geen probleem was en dat zij wel naast hem zou gaan zitten. Wat was ik blij zeg. Mijn kind kon ‘gewoon’ mee met de bus. De dag kon niet beter beginnen. Toen ik hem in de bus had neergezet, gordel had omgedaan en weer buiten stond kon ik wel huilen. Ik was zo ongelooflijk trots. Zo trots dat hij, net als alle andere kinderen, in de bus kon mee rijden.

De bussen reden weg en ik snel naar mijn auto om er achter aan te gaan. Ik kwam pas later aan in Lelystad en daar stond hij hoor, tussen de andere kindjes, te wachten op de stoep met een koekje in zijn hand. Hij hoorde er zo bij! En oogde zo rustig. Ook dit was voor mij een moment dat ik ontplofte van trots. Want Joas is een echte wegloper. Hij wil gewoon doen wat hij zelf wil en heeft minder zelfbeheersing en zelfregulatie vergeleken met andere kinderen van zijn leeftijd. (Geen innerlijke stemmetje). Hij ziet ook absoluut geen gevaar. Dus dat hij daar zo rustig tussen de andere kindjes stond was wel een klein wondertje te noemen. Hieraan zie je dat hij een meester in imiteren is. Want Joas doet dingen, omdat ze nu eenmaal zo zijn en kijkt heel goed naar anderen. Dus als alle kindjes netjes wachten, zal het wel zo moeten zijn. Ook een belangrijke reden waarom wij nu voor regulier onderwijs kiezen. Zo kan hij gedrag overnemen en kopiëren van zijn leeftijdsgenootjes ‘zonder iets’. (Toen hij mij aan zag komen lopen, was het moment van wachten en braaf zijn echter voorbij.)

Het schoolreisje ging naar Ballorig in Lelystad, een mooi binnen speelparadijs. We zijn hier zelf al een paar keer geweest, dus ik wist van te voren dat dit helemaal zijn ding zou zijn. Echter Joas kun je niet uit het oog verliezen en daarom is er (voor nu) ook echt supervisie nodig bij dit soort dingen. De andere kinderen wéten dat ze binnen moeten blijven, houden de juffrouwen in de gaten en zien al beter gevaar. Joas daarentegen loopt van hot naar her, kijkt niet op of om of ik (of de juffrouw) ergens in de buurt zijn en als hij de buitendeur open had zien staan zou hij naar buiten zijn gelopen en was hij niet teruggekeerd. Joas kent hierin absoluut geen gevaar. Ik kan bijvoorbeeld niet aan een tafeltje gaan zitten en tegen hem zeggen, ga maar lekker spelen, mama zit hier. Joas denkt dat, best man, ik heb je toch niet nodig. Hij zou niet naar mij terugkeren en dat is natuurlijk het gevaarlijke. Want dan betekent weg is weg. Kortom, je moet je er bij neerleggen dat je gewoon de hele ochtend achter hem aan loopt om te kijken of hij geen fratsen uithaalt.

Al met al zijn we ongeveer twee uurtjes geweest. (Joas gaat alleen de ochtend naar school en mama was het na twee uur echt dikke zat van het waggelen met dikke buik). Het ging verder echt super goed. Waar je ziet dat andere kindjes al echt met elkaar spelen, is Joas vooral met zijn eigen ding bezig. Maar wat geeft dat?! Hij heeft zich echt fantastisch vermaakt. Fijn dat hij hier deel van uit kon maken. Zo bijzonder normaal dan.

Deze kleine dingetjes, die voor anderen misschien zo vanzelfsprekend zijn, kunnen voor ons zo bijzonder zijn. Een voorrecht! Natuurlijk is een schoolreisje voor elke ouder uit groep 1 bijzonder. Maar juist de kleine dingetjes als het meereizen met de bus, het in de groep staan wachten bij de juf en het deel uitmaken van de klas betekenen zoveel voor ons. Dit zijn de dingetjes die er voor ons uitspringen en waar wij al intens van kunnen genieten.

Volg ons op Facebook: https://www.facebook.com/bzzonder 

Volg ons op Instagram: https://www.instagram.com/bzzonder

schoolreisje

Hoe zal hij het doen? Zal hij zich gedragen? Zal hij op zijn plekje zijn? Is hij gelukkig? Hij is nog maar twee ochtenden geweest, maar wat een spanning… voor mij dan! De eerste schoolweek.

Vorige week zijn de scholen weer begonnen in regio midden. En dus mocht ook Joas, na twee jaar oriënteren en voorbereiding vanuit ons, starten op de basisschool (mijn oude basisschool) voor twee ochtenden in de week. Een moment waar we al heel lang heen leven en naar hebben uitgekeken. Maar ook moment waar ik enorm tegenop zag.

Joas gaat al drie jaar een kinderopvang ‘plus’ groepje waar hij vertrouwd is, waar wij vertrouwd mee zijn en waar we hem met een gerust hart achterlaten. Waar hij zijn peuterjaren is opgegroeid, waar ze hem kennen. En nu, voor twee ochtenden, komt er een einde aan deze vertrouwde omgeving en moet hij weer vanaf nul beginnen. Wennen, structuren leren, regels leren en voor school… mijn kind leren kennen.

En zelfs nu na twee ochtenden vind ik het weer lastig om hem vandaag (dinsdag) weg te brengen. Alhoewel een stemmetje in mijn hoofd zegt: “het gaat echt goedkomen” ben ik uiteraard bang dat het niet lukt. Maar wat kun je nu zeggen na twee ochtenden?? Ik merk dat ik zelf snel snel snel wil, resultaten wil zien. Maar dit is natuurlijk niet reëel. We moeten hem allemaal de tijd geven. En structuren leren kennen is natuurlijk lastig als je maar twee ochtenden gaat in plaats van 3,5 dag. Dus wederom komt daar het woordje ‘geduld’ om de hoek kijken. Mijn sterkste eigenschap (breed lachende sarcastische smiley hihi)

Zijn eerste ochtend, vorige week dinsdag, merkte je aan hem dat hij een beetje verloren was. Er waren natuurlijk veel nieuwe prikkels, veel kinderen, alhoewel hij nu in een klein klasje van 14 start. Maar je merkte dat hij even niet zo goed wist wat er van hem verwacht werd. Uiteindelijk kregen we gelukkig mooie filmpjes van de begeleiding waarop hij aan het dansen was op muziek en buiten speelde met fietsjes en karretjes.

De tweede ochtend, de donderdag, ging voor mijn gevoel aanzienlijk beter en rustiger voor hem. Hij had meer overzicht over de situatie en liep ook meteen naar de juiste klas toe. Jas opgehangen aan de kapstok. En ook die dag kregen we filmpjes en foto’s dat hij in de kring zat, aan het tekenen was en boekjes doorbladerde. Hij deed daadwerkelijk mee in de groep! Wat een opluchting was dit zeg.

En nu vanmorgen.. was hij weer onrustig, boos dat hij de klas niet uit mocht. Dus laten we hopen dat we straks toch een terugkoppeling krijgen dat het over het algemeen aardig goed ging.

En natuurlijk op dit soort momenten twijfel je aan je eigen beslissingen, twijfel je aan je eigen kennis van je kind en vraag je je af of je de juiste keuze hebt gemaakt. Maar met die twijfel voel ik ook meteen het moeder-oergevoel dat me vertelt dat ook ik mijn kind niet mag onderschatten. Want in zijn koppie is het echt een pienter jongetje, een leerbaar jongetje. All we need is time.

spannende eerste schoolweek

Een gastblog geschreven door een blogger van Lotje & Co. 

Als ik op weg ben naar de eerste reguliere basisschool in de buurt, betrap ik mezelf op de gedachte dat het wel heel praktisch is dat de kinderen van de gastouder ook naar deze school gaan. Snel schud ik de gedacht van me af. Ik wil vooral eerst kijken of de school openstaat voor Arje, en zien of hij hier past. Hoe zou dit gaan? Wat als ik bij school nummer 1 meteen een afwijzende houding voel?

Ik voer het gesprek met de interim-directeur en de intern begeleidster. We praten wat over de school, en als ik de foto van Arje uit mijn tas haal en op tafel leg, raken we tot de kern.

De interim vertelt over zijn negatieve ervaring op een andere school. Leerkrachten vonden het zwaar om een jongetje met down in de klas te hebben. Hij wil dus ten alle tijden open en eerlijk kunnen zijn. ‘Dus wanneer voor leerkrachten de belasting te hoog wordt door de tijd en moeite die de begeleiding van Arje kost, is het beter wanneer er een andere plek voor hem gevonden wordt,’ voegt hij eraan toe.

Op de één of andere manier was ik op deze opmerking voorbereid: ‘We spreken nu toch af open en eerlijk te zijn tegen elkaar? Vóór zo’n cruciaal moment hebben we elkaar allang gesproken om oplossingen te bedenken voor de uitdagingen die er liggen.’

Het gesprek gaat verder, maar de interim noemt toch ook nog even dat het niet werkt wanneer Arje voor ordeverstoringen gaat zorgen.

‘Oh,’ en tot mijn eigen verbazing hoor ik de licht sceptische toon in mijn stem,
‘jullie hebben geen ‘gewone’ kinderen die de lessen wel eens verstoren?’

De interim lacht een oprechte lach en lijkt even uit zijn rol te vallen. Vervolgens hebben we het over de start, over rugzak, PGB en begeleiding. Dit lijkt er meer op, schiet er door mijn hoofd.

We lopen de school door. Er hangt een fijne leersfeer, en wanneer we bij het aparte gedeelte voor de kleuters komen, zie ik kleuters in groepjes ijverig aan het werk. In deze sfeer zou Arje tot leren kunnen komen, bedenk ik. Niet geheel ontevreden loop ik de school weer uit.

Ik heb geen nee van de school en geen nee voor mezelf. Wie weet.

open en eerlijk downsyndroom

Zorgt passend onderwijs voor meer respect en begrip?

Passend onderwijs is een punt wat erg speelt in de huidige maatschappij. Iedereen heeft recht op onderwijs en basisscholen zijn verplicht bijzondere kinderen een plekje te geven of anders een plekje voor ze te zoeken. Laten we maar voorop stellen dat bij de scholen alles valt en staat met geld. Maar we hebben niet alleen met de school te maken. Ook voor andere ouders is het bijzonder dat er opeens kinderen in de klas komen die ‘anders’ zijn dan gemiddeld. Over het algemeen horen wij alleen maar positieve reacties over het feit dat Joas na de zomer naar regulier onderwijs gaat. Soms verbaasd, in de zin van, oh kan dat dan? Maar wel positief. Maar wat ik laatst via via hoorde, “zulke kinderen (mijn kind dus) eisen alleen maar meer tijd op die eigenlijk naar onze kinderen had moeten gaan.” Excuse me? Zulke kinderen? Onze kinderen? Zijn ‘zulke’ kinderen minder dan ‘onze’ kinderen?

Twee blogs geleden schreef ik over het feit dat Joas na de zomervakantie voor twee ochtenden per week gaat starten op regulier onderwijs, samen met een persoonlijk begeleider. De bedoeling is dat deze ochtenden steeds iets worden uitgebreid en dat hij uiteindelijk volledig naar school zal gaan. Wat is onze motivatie hiervoor? Waarom regulier onderwijs? Doen we alleen Joas hier voordeel mee?

Ik ben van mening dat Joas er baat bij heeft om gedrag te zien van andere kindjes ‘zonder iets’. Dat hij leert wat de norm is en dat hij gedrag gaat imiteren. Joas is nu eenmaal een meester in nadoen van handelingen en hij kan heel goed structuur herkennen. Hij doet iets omdat het nou eenmaal zo hoort. Daarnaast vind ik het belangrijk dat hij zich op kan trekken aan kindjes die net iets verder zijn dan hij. Dat hij uitdaging krijgt en dat er niet bij voorbaat van uit wordt gegaan dat hij dingen niet kan. Uiteraard zal het gat tussen hem en zijn klasgenootjes steeds iets groter worden, maar toch blijft het belangrijk dat hij blijft zien welk gedrag en welke regels er bij welke leeftijd horen.

Passend onderwijs heeft niet alleen voordelen voor Joas. Ik denk oprecht dat het een wisselwerking heeft. Want kinderen ‘zonder iets’ behoren ook te weten dat niet iedereen hetzelfde is. Dat iedereen uniek is en dat je respect moeten hebben voor de ander ondanks de verschillen die er zijn. Of dit nu is in uiterlijk, IQ, huidskleur of godsdienst bijvoorbeeld. Tevens denk ik dat het goed is dat men al jong leert dat het normaal is dat je voor je medemens zorgt en dat je je medemens liefhebt. Dat je elkaar helpt verder te komen in het leven, en dat je soms iets moet op offeren voor het geluk voor de ander. En het meest belangrijke, dat je mensen in zijn of haar waarde laat. Want wie ben jij om te oordelen over een ander?

Vroeger werden mensen met downsyndroom weggestopt in instellingen. Want ze waren een schande voor de maatschappij, een teleurstelling. Ze werden afgedaan als minder. En ik denk dat mensen tegenwoordig, door wat er toen met mensen met downsyndroom gebeurde, nog steeds met een scheef oog naar ze kijken. Downsyndroom blijft voor velen nog steeds ‘een ver van je bed show’. En zolang je er niet mee in aanraking komt zul je ook nooit de mogelijkheden zien. Zul je ook nooit zien dat ze ondanks de bijzondere extraatjes net zo zijn als jij. Doordat kinderen met downsyndroom nu de kans krijgen op regulier onderwijs zullen ook kinderen ‘zonder iets’ op jonge leeftijd al zien wat downsyndroom is. Ze raken ermee bekend. Het wordt gewoon in plaats van ‘anders’. Ze zullen de beperking minder zien. Ze groeien met elkaar op. En in ons geval, zal Joas gewoon Joas zijn voor zijn klasgenootjes. Joas is net iets anders, maar toch zo gelijk. Joas hoort bij ons in de klas. En we maken net zo goed ruzie met Joas om een schepje of een emmer en we spelen net zo goed met Joas als met een ander kindje. Want Joas is Joas. En niet, Joas is dat jongetje met downsyndroom.

Om terug te komen op ‘zulke kinderen, onze kinderen’…. Waarom is mijn kind minder? Omdat hij minder zelfstandig is? Waarom heeft mijn kind minder rechten? Omdat hier meer geld aan moet worden uitgegeven? Is ‘jouw’ kind te goed om mijn kind af en toe een handje te helpen? Mijn kind wil net zo goed als jouw kind onderdeel uitmaken van deze maatschappij. Hij wil later ook zijn steentje bijdragen en wil later ook anderen gelukkig maken.

Mensen zijn van nature bang en argwanend voor het onbekende. Maar als we op deze manier het onbekende, bekender kunnen maken voor de mensen, zorgt dit dan niet voor meer wederzijds begrip, meer respect en meer tolerantie? Ik denk van wel.

Tot slot wil ik erbij zeggen, wij zijn voorstander van passend onderwijs en vinden het fantastisch dat wij een school hebben gevonden die Joas met open armen ontvangt. Iets wat nog niet voor iedereen is weggelegd. Tevens snappen wij ook de keuze van ouders voor speciaal onderwijs. Het geluk van Joas staat voorop. Mochten wij door krijgen dat Joas niet meer gelukkig is op de reguliere basisschool, of mocht school (vaak vanwege financiële redenen) Joas niet meer kunnen bieden wat wij verwachten en wat hij nodig heeft dan staan wij zeker open voor speciaal onderwijs.

Blijf op de hoogte via onze Facebookpagina en like ons nu: https://www.facebook.com/bzzonder

passend onderwijs downsyndroom

In juli wordt Joas alweer vier jaar en mag hij dus naar school. Wat voor andere kinderen misschien niet zoveel voorbereiding vergt is dat bij Joas toch anders. Wij hebben inmiddels een keuze gemaakt en zijn dankbaar voor alle hulp die we hier bij gekregen hebben, want er komt best veel bij kijken. En waar het eigenlijk op aankomt is heel hard gezegd: wie wil jouw kind op school hebben? Want ook al zijn ze vanuit passend onderwijs verplicht een plekje voor hem te creëren of te zoeken, valt en staat alles met geld!

Toen Joas ongeveer 2,5 jaar was zijn we ons gaan oriënteren wat betreft het basisonderwijs. Al gauw was duidelijk dat wij voorstander zijn van het proberen op regulier onderwijs. Vooral omdat wij denken dat Joas hier cognitief gezien erg veel kan leren en aangezien hij een meester in imiteren is denk ik ook dat hij qua gedrag hier veel kan opsteken met betrekking tot omgang met anderen, regels en vooral het luisteren.

Wij hebben een aantal reguliere basisscholen bezocht en al snel sprong er één uit. Toevallig is dit ook de oude basisschool waar ik zelf op heb gezeten en is het ook nog eens de basisschool het dichtste bij ons in de buurt. Kortom, we vallen met onze neus in de boter. Het voelde als een warm bad en we voelden ons erg welkom. Men begon niet meteen over de dingen die niet mogelijk zijn, en ook niet over de voorzorgsmaatregelen (vooral papierwerk) die ze moeten nemen mocht speciaal onderwijs toch nodig zijn. Geheel open zijn zij het gesprek in gegaan, zonder Joas ooit te hebben ontmoet.

Toen Joas drie jaar werd zijn we begonnen met het voorbereiden op de basisschool. De kinderopvang plus waar hij momenteel heen gaat draagt hier zeer goed aan bij. Hij gaat hier vier dagen heen en zij hebben voor hem een soort van zorg-ontwikkelplan opgesteld. Hierin worden diverse doelen beschreven met het oog op de basisschool. Denk hierbij echt aan de meest simpele dingen: Joas kan 10 minuten in een kring zitten. Joas kan zoveel minuten samen spelen met een ander kindje. Joas kan zoveel minuten zonder luier zonder dat hij plast en poept. Joas kan zelfstandig zoveel minuten aan tafel spelen. De meest basic dingen eigenlijk, die voor andere kindjes heel ‘gewoon’ zijn. En als je deze doelen ziet, zijn het vooral ‘gedrags-doelen’. Als je kijkt naar wat hij cognitief al kan en begrijpt denk ik dat je verbaasd zal zijn. Het herkennen van kleuren, vormen en ongelooflijk veel plaatjes herkennen. Het enige verschil hierin met een ander kind is dat hij niet praat. Er zit zoveel in, maar het komt er (verbaal) niet uit. Maar hij doet hierin zeker niet onder voor andere kindjes. Tevens vind ik het goed voor kindjes zonder ‘iets’, want ook zij moeten leren dat niet iedereen hetzelfde is. Juist daar worden de zaadjes gepland om voor elkaar te zorgen en naar elkaar om te kijken!!

De basisschool zelf is ook bezig met voorbereiden, want het voor hun de eerste keer dat zij een kindje met downsyndroom op school krijgen. Zo heeft de onderwijsassistent de workshop Leespraat gevolgd en hebben ze zelfs al nagedacht over welk lokaal ze gaan gebruiken voor de groep 1 van na de zomer, met het oog op het weglopen van Joas (ver bij de uitgang vandaan dus).

Vanuit Centrum Jeugd en Gezin krijgen wij een fantastische ondersteuning met betrekking tot de begeleiding die Joas nodig heeft. Na de zomer gaat hij twee ochtenden starten aangevuld met de kinderopvang die hij momenteel heeft. Deze twee ochtenden krijgt hij acht uur individuele begeleiding in de klas. Vergeleken met andere verhalen die wij horen is dit echt luxe en zijn wij hier zeer blij mee. Vooral na alle verhalen en nieuwsberichten die je deze week nog voorbij zag komen met betrekking tot Passend Onderwijs en de tijd die leerkrachten te kort komen om deze kinderen goed te begeleiden. De begeleider zal Joas ondersteunen in het leerproces, het aanleren van gedrag etc.

Over een jaar tijd willen we deze twee ochtenden uitbreiden naar fulltime school en geen kinderopvang meer. We zijn zeer benieuwd hoe dit gaat zijn en hoe hij zich gaat ontwikkelen.

Daarbij wil ik zeggen dat wij absoluut niet tegen speciaal onderwijs zijn. Maar als ik zie hoe hij zich op het kinderopvang plus groepje optrekt aan de kindjes ‘zonder iets’ denk ik echt dat regulier onderwijs momenteel zeer goed voor hem is. En zoals ik hierboven al zeg, ik denk dat hij in zijn gedrag misschien achterloopt bij andere kindjes (hij is immers geestelijk toch wat jonger) maar cognitief doet hij absoluut niet onder voor anderen, voor nu.

Mocht uiteindelijk blijken dat hij zich ongelukkig gaat voelen en niet meer past op regulier onderwijs dan zullen wij absoluut openstaan voor speciaal onderwijs. In the end willen we allemaal het beste voor ons kind en willen we dat hij gelukkig is.

Wij gaan nu af en toe al even een kwartiertje binnenkijken bij de basisschool samen met Joas. Dan kan hij nu alvast iets wennen. Zie foto hieronder.

regulier of speciaal onderwijs passend onderwijs